Strijden voor het geloof

Geliefden, daar ik mij in alle opzichten beijver u te schrijven over ons gemeenschappelijk heil, zie ik mij genoodzaakt het te doen met de vermaning, tot het uiterste te strijden voor het geloof, dat eenmaal de heiligen overgeleverd is. Judas 1:3

Het aantal gelovigen is een steeds kleiner wordende minderheid aan het worden in Nederland. Daaruit blijkt hoe belangrijk het is om de vermaning van Judas ter harte te nemen om te strijden wat we maar kunnen voor het geloof om het zelf niet te verliezen.

Veel gelovigen hebben slechts een slap verwaterd geloof over gehouden dat niet eens de moeite waard is om te verdedigen. Dat is niet het geloof waar Judas de broer van Jacobus het over heeft; het geloof van de heiligen.

Het geloof dat de heiligen, de apostelen en profeten van weleer hadden gekregen was hen alles waard.
De apostel Petrus schrijft is zijn tweede brief aan hen die een even kostbaar geloof gekregen hebben en dan heeft hij het er over om Jezus Christus te kennen als Heer, over Zijn goddelijke kracht waardoor wij ontkomen aan het verderf in de wereld. Petrus schrijft verder ook over kostbare en zeer grote beloften die inhouden dat we goddelijke eigenschappen krijgen die we van onszelf niet hebben. Zoals hij er over schrijft is het geloof actief en vult het ons leven met kracht en geluk.

Laten we met ons hele hart geloven in Jezus Christus en zijn herscheppende macht. Dat geloof is onoverwinnelijk en alles waard.


Lees ook:

Judas 1:3